Actueel Column: Ambassadeursconferentie

Column: Ambassadeursconferentie

Ed Hoeks 20 februari 2019

In de biografie van minister Luns kun je een foto zien van de ambassadeursconferentie van september 1952. Anderhalve dag duurde die conferentie. Zo te zien is de foto genomen in de vergaderzaal aan het Plein, met aan tafel de bewindslieden Luns en Beijen, de ruggen licht gebogen als weten zij zich bespied. Op de achtergrond enkele keurige heren met sigaar in de hand of sigaret in de mond. Donkere pakken, witte pochettes: “weisse höfliche Manschetten, Ach, wenn Sie nur das Herz auch hätten”. Een klein gezelschap zo te zien. Glimlachend, zoals mensen glimlachen die aan een plicht voldaan hebben.


De belangrijkste onderwerpen: Indonesië en de Duitse kwestie. Geen vrouwelijke deelname. Toen Lot van Schaik later als een van de weinige vrouwen B.Z. kwam versterken, mocht zij als Derde Secretaris op de maandagochtendvergadering van onze ambassade in Wenen de sigaren presenteren aan de heren, die hun jachtpartij van het weekend bespraken.


Van nog later herinner ik me de ambassadeursconferenties in de maand augustus. Het werd aangemoedigd om het jaarlijks verlof te laten samen vallen met deze bijeenkomst in de zomer. Dat scheelde het Rijk een ticket. De huishoudelijke vergadering vond altijd op zaterdagochtend plaats. Je kwam in het zaaltje door een doolhof van gangen en het volgen van een bordje met daarop geschreven: “geborgenheid”. Kon je het niet vinden en vroeg je een collega de weg, dan draaide deze zich snel om, als iemand die met zijn lach alleen wilde zijn.

De vergadering zelf leidde vaak tot aanbevelingen van de Vereniging aan de Departementsleiding. Interventies, als ging het om een VN-resolutie, met op papieren servetjes geschreven amendementen, maakten het geheel nogal kleurrijk. Er werd enorm veel gelachen, al ging het vaak om triviale zaken, vooral over toelagen. Hilarisch. Bij de koffie kwamen de partners aan het woord. Het was een clubje dat voor een buitenstaander een op zichzelf staande indruk moet hebben gemaakt.


Wat zijn we sindsdien geprofessionaliseerd. Midden in de samenleving en betrokken bij alle onderdelen ervan. Het is niet alleen een conferentie voor en van B.Z., maar van en voor de gehele overheid. Met onderwerpen die vaak meer binnenlands dan buitenlands van aard zijn. En sigaren worden er ook al niet meer gerookt. Toch zou op sommige sessies wat rook niet hebben misstaan, al was het maar om die verbetenheid aan het zicht te onttrekken.


Daarnaast wil ik even stilstaan bij het tijdstip van de conferentie. We moeten namelijk terug naar de zomer. Het moet echt afgelopen zijn met dat verpletterende gehannes van winterpakken, helemaal vanuit de tropen, met dat ellendige tegen de wind in fietsen in dat koude, donkere, natte januariweer, met dat opstaan in het pikkedonker voor die hysterisch vroege werkontbijten. Als ik het buitenlandse collega’s vertel, geloven ze me niet. De muren van de fietsenstalling wijken van schrik naar achteren, als ze die verregende rotkoppen zo vroeg zien binnenkomen. Rillen, koorts, griep!


Neen, dan de zomer, vrolijk fietsen naar de Rijnstraat, grappige straattaferelen onderweg, uit de ramen van de huizen klinkt vrolijke muziek, vol energie en zin, een cappucino, vrienden en vriendinnen, creativiteit, een stevige handdruk, een klapzoen, een vriendschappelijke klap op de schouder, een bon mot, gelach, ernst, belangstelling, gesprekken, debat, originaliteit, auf die Berge will ich steigen. Wat een feest. Terug naar de zomer!  

 

 


Ed Hoeks

Columnist

Profiel