Actueel Van de OR: Gekanteld

Van de OR: Gekanteld

Fred Duijn 24 januari 2018

Ken je dit? Je zoekt contact met een medewerker van HDPO en die antwoordt op je vraag: “Ik zal het nog een keer uitleggen: wij gaan er niet meer over; je moet bij je leidinggevende zijn.” Soms lijkt het wel alsof de personeelsdienst na de kanteling helemaal geen p-verantwoordelijkheden meer draagt: allemaal ‘in de lijn’ belegd.

Wat maken leidinggevenden van hun nieuwe verantwoordelijkheden? De Ondernemingsraad krijgt hierover nog altijd veel vragen en opmerkingen. De betrokkenheid van leidinggevenden bij het p-beleid loopt naar de ervaring van medewerkers fors uiteen.

Het wereldwijd inzetbaar zijn stelt specifieke eisen aan een grote groep BZ-ers. Daar komt bij dat plaatsingen bij ons een termijn kennen. De continue roulatie zorgt voor een intensief en bewerkelijk personeelsbeleid dat naar Haagse maatstaven bovengemiddelde zorg en aandacht nodig heeft.

Het is in het belang van zowel de organisatie als de medewerkers dat Buitenlandse Zaken beschikt over HR-expertise. Dit kan niet alleen overgelaten worden aan leidinggevenden en hoort ook naar de toekomst toe goed geborgd zijn bij HDPO. Deze kennis moet natuurlijk verder gaan dan het geven van informatie aan leidinggevenden of medewerkers over het beschikbare HR-instrumentarium. Het gaat ook om ondersteuning en advisering bij de toepassing. Dat vergt investeren in kennis van het werk en de mensen, en de capaciteit deze kennis in te zetten.

Sinds kort ontvangen we in de Ondernemingsraad vaker vragen over de eenheid van het personeelsbeleid. Het personeelsbudget is opgedeeld en verdeeld onder de ‘kolommen’. Daarbinnen wordt onder meer beslist wie wanneer een vast contract krijgt. Wordt iedereen nog wel langs dezelfde meetlat gelegd voor een baan bij het ministerie?

Afgesproken is dat HDPO na de kanteling van het p-beleid niet alleen een adviserende rol heeft, maar ook namens de ambtelijke leiding strategisch HR-beleid aandraagt en de afgesproken kaders bewaakt. Dit staat mooi op papier, maar hoe werkt dit in de praktijk?

Dragen leidinggevenden in alle delen van de organisatie gewoonlijk op gelijke wijze de horizontale doelstellingen en kaders, of wegen korte termijn resultaten meestal zwaarder? Worden criteria en randvoorwaarden op gelijke wijze gemakkelijk gerespecteerd of wringt de schoen regelmatig? Hoe gaan HR-adviseurs om met beslissingen die afwijken van de kaders? Is er voldoende ruimte voor het gesprek? Luisteren leidinggevenden gemakkelijk, of vraag je je als HR-adviseur soms af hoe vaak je eigenlijk nog kan escaleren? Gaat dit zonder vrees voor wrevel en in de wetenschap van onmiddellijke aandacht van DG en/of SG?

Verschillen mogen er zijn, maar het personeelsbeleid is te belangrijk om te laten afglijden naar een ander HR-beleid per leidinggevende. Dit vergt ook in de toekomst een stevige kader stellende en -toetsende rol van onze personeelsdienst. Medewerkers moeten daarbij kunnen blijven rekenen op steun van HDPO in het gesprek over vermeende afwijkingen van criteria of randvoorwaarden opdat willekeur wordt voorkomen. Dat is de inzet van uw VDBZ-fractie in de OR. Vragen? Voorbeelden? U weet ons te vinden!

Fred Duijn

OR

Profiel