Actueel Van de OR: to chill or not to chill

Van de OR: to chill or not to chill

Fred Duijn 13 december 2018

Staat de kerstboom alweer in volle glorie in de huiskamer? Ik hoor velen verlangen naar een momentje van ontspanning en rust. De Ondernemingsraad gunt het iedereen. Het is immers een onderkend aandachtspunt: we hebben met z’n allen via het MTO laten weten dat de werkdruk te vaak te hoog is.

Een goede balans tussen werk en privé is essentieel voor je gezondheid en effectiviteit. Terecht dus dat onze ambtelijke leiding hieraan meer aandacht geeft en met praktische aanwijzingen poogt drukte en stress te verminderen. Mail je regelmatig in het weekend? Niet meer doen! Geef je iemand weleens complimentje? Vaker doen!

Mij viel op dat Herman Tjeenk Willink deze week ook iets zei over werkdruk in een interview voor het Financieel Dagblad. “Mijn zorg, zelfs ingehouden woede, is dat we de publieke zaak structureel aan het uithollen zijn.” In zijn analyse vervreemdt de overheid zich van de eigen professionals. Er zijn te veel regels en te veel controleurs. “Het mechanisme drijft op het uitsluiten van risico’s met wantrouwen als resultaat.” Voor Tjeenk Willink ligt de oplossing niet zozeer in moreel leiderschap, maar in professionals die hun vak heroveren.

Een andere plek waar het deze week over werkdruk ging, was de tafel van Jeroen Pauw. Het ging over politie en rechtelijke macht. De voorzitter van de politiebond, Jan Struijs, werd gevraagd naar oplossingen. Opvallend genoeg noemde hij niet als eerste extra geld of mensen. Hij vroeg om respect. Mensen zetten zich in met veronachtzaming van hun eigen belangen voor anderen, zo zei hij, maar worden door ‘Den Haag’ gezien als een kostenpost. Liefdeloos, noemde hij het.

Dat brengt mij op de vraag hoe wij met onze mensen omgaan. Op persoonlijk niveau; maar ook als organisatie. Ik geloof zeker in het effect van schouderklopjes; dat mag best wat vaker naar elkaar, ook in de vorm van eerlijke feedback. Tegelijkertijd kom ik steeds vaker op alle niveaus collega’s tegen die zich de vraag stellen: mag ik mijn vak nog wel uitoefenen? Dat heeft te maken met goede randvoorwaarden en de behoefte soms daarbij een helpende hand te vinden. Mijn indruk is dat het nieuwe p-beleid, waarbij ieder verantwoordelijk is voor zijn eigen loopbaan, soms doorslaat: het gevoel bevordert bij problemen er alleen voor te staan.

Ik vertaal deze zorg ook naar de kern van ons werk. Mijn hoop is dat ditmaal bij in de wervingsteksten voor jonge beleidsmedewerkers de organisatie weer gewoon het woord ‘diplomatie’ hanteert. Het eufemistisch gebruik van ‘de werkpraktijk bij Buitenlandse Zaken’ is bizar. Natuurlijk: niet iedereen hoeft zich diplomaat te voelen. Maar we zijn wel allemaal BZ-er en samen, ook met onze vele partners in binnen- en buitenland, werken we aan toonaangevende diplomatie. Dat doen we uiteraard ook door jonge diplomaten te werven.

Tenslotte, vanuit de Ondernemingsraad moeten we het blijven herhalen: het gebouw werkt tegen. Het anonieme karakter van een rijksverzamelkantoor werkt vervreemding in de hand. En zo lang er niet genoeg functionele werkplekken zijn, moeten we vaststellen dat onze inzet en bevlogenheid niet de waardering krijgt die het verdient.

Weg met het weg-met-ons denken. Professionals: herovert uw vak!

Ik wens iedereen een Zalig Kerstfeest en een Gelukkig Nieuwjaar!

Fred Duijn

OR-voorzitter, VDBZ-fractieleden in de OR

Profiel