Actueel Van de werkgroep Arbeidsvoorwaarden

Van de werkgroep Arbeidsvoorwaarden

Kees Cath 2 augustus 2021

Beste leden, de afgelopen maanden zijn er op arbeidsvoorwaarden de nodige ontwikkelingen geweest. Zo zijn er afspraken gemaakt over de nieuwe regels voor dienstreizen (meer met de trein op korte afstand), heeft de VDBZ zich ingezet voor meer duurzaamheid in het ABP en zijn de Rijksbrede CAO-onderhandelingen opgeschort. 

Rijksbrede CAO-onderhandelingen

Op 7 juni heeft het Rijk een werkgeversbod gedaan aan de bonden voor de Rijksbrede CAO. Als VDBZ staan wij achter het besluit van de bonden (en onze ‘moederbond’ CNV) om dit bod resoluut af te wijzen. De voorgestelde loonsverhoging van 1% evenals de voorgestelde 750 euro per 5 jaar voor een thuiswerkplek waren onacceptabel. Met de voorgestelde 1% loonsverhoging houdt het Rijk geen rekening met de inflatie die volgens het CBS rond de 2% ligt. Met de voorgestelde thuiswerkvergoeding wordt geen recht gedaan aan de kosten die moeten worden gemaakt om een thuiswerkplek in te richten, en een deel van de – vaak schaarse – woonruimte op te offeren als kantoorruimte. Daarnaast vergeet het Rijk dat er veel (jonge) medewerkers zijn die geen aparte werkruimtes hebben, laat staan zich dit kunnen veroorloven gezien de huidige huizenmarkt. Ook het voorstel van de korting op de sportregeling beoordeelt de VDBZ als negatief. Het Rijk heeft het bod ingetrokken. Als er weer een nieuw bod komt, zijn wij erg benieuwd naar jullie inbreng. Via het centrale overleg met de verschillende bij CNV aangesloten bonden is er ruimte voor ons om de Rijksbrede discussies te beïnvloeden.  

Nieuwe regels voor dienstreizen

Als onderdeel van de CAO rijk en de uitvoering van het klimaatakkoord wordt het treinreizen, i.p.v. vliegen voor dienstreizen verder aangemoedigd. Concreet betekent dit dat er voor de trein moet worden gekozen als de dienstreis per trein korter dan 8 uur duurt. De regels uit de Rijksbrede CAO zijn ook omgezet naar de ACRU (concreet gaat dit om artikel 3.100 van de ACRU). Deze regels gaan ook gelden voor de dienstreizen vanaf de posten evenals overplaatsingsreizen. VDBZ staat achter het streven om treinreizen voor dienstreizen korter dan 8 uur de norm te laten zijn. Wij steunen deze bijdrage in de strijd tegen klimaatverandering. Wel hebben we de bestuurder gevraagd rekening te houden met een aantal randvoorwaarden. Dit gaat onder meer om de volgende randvoorwaarden die ook door de bestuurder werden onderkent. 

Allereerst moet er met lokale omstandigheden op een post rekening worden gehouden, is het onregelmatig, oncomfortabel, onhygiënisch of onveilig om met de trein te gaan, dan kan sneller ander vervoer worden gebruikt. Ook zal gebruik van het vliegtuig sneller kunnen worden goedgekeurd bij uw overplaatsingsreis met veel bagage samen met uw partner en kleine kinderen dan bij een gezinsherenigingsreis van u of uw partner. Daarnaast is de directeur voor de directie en de CdP voor de post verantwoordelijk voor het besluit of er van de regels omtrent treinreizen kan worden afgeweken. Alleen bij overplaatsing besluit 3W.  

De volgende toelichting is opgenomen als onderdeel van de wijziging van de ACRU:  

“Bijzondere lokale of persoonlijke omstandigheden

Het gebruik van het openbaar vervoer kan naar mening van uw werkgever vanwege bijzondere lokale omstandigheden onredelijk bezwarend zijn. Bijvoorbeeld als de reis per trein of bus heel onregelmatig, oncomfortabel, onhygiënisch of onveilig is. Hierbij wordt ook rekening gehouden met de aard van de reis. Zo zal gebruik van het vliegtuig sneller kunnen worden goedgekeurd bij uw overplaatsingsreis met veel bagage samen met uw partner en kleine kinderen dan bij een gezinsherenigingsreis van u of uw partner. Ook kan het bijvoorbeeld in een bijzonder geval om representatieve redenen gewenst zijn dat een overplaatsings- of dienstreis van een hoofd van een post per vliegtuig wordt gemaakt of een reis binnen de standplaats met de auto.

Van afwijking vanwege persoonlijke omstandigheden kan bijvoorbeeld sprake zijn indien het gebruik van de auto of het vliegtuig het mogelijk maakt om een dienstbezoek binnen uw gastland in één dag af te leggen terwijl bij gebruik van de trein een overnachting noodzakelijk zal zijn en dat in redelijkheid niet van u gevergd kan worden.” 

Inzet duurzaamheid ABP

Als onderdeel van de overleggen met de bij CNV aangesloten bonden en het verantwoordingsorgaan van het ABP hebben wij het belang onderstreept van de verduurzaming van het ABP. Hoewel het ABP een van de meest duurzame fondsen van Nederland is, hebben wij vragen bij de keuze – naar aanleiding van de berichten over investeringen van het ABP in Shell – om een dusdanig grote investering te doen in de fossiele industrie. Wij blijven hierover in gesprek met het ABP via het CNV. 

Uitspraak eigenwoningforfait

De rechtbank Zeeland-West Brabant heeft een uitspraak gedaan in een casus over de berekening van het eigenwoningforfait bij uitzending. Bent u uitgezonden naar een post en woont uw partner niet bij u op de post en heeft u inwonende kinderen bij uw partner in Nederland dan heeft dit mogelijk gevolgen voor de berekening van uw eigenwoningforfait. Zie de volledige uitspraak via deze link. 

Regels over quarantaine hotels

Op 8 juli werd op Rijksportaal aangekondigd dat bij een verplicht verblijf in een quarantainehotel HDPO heeft besloten tot het korten op de buitenlandvergoeding. Het volgende stond hier over op het Rijksportaal:  

“Op dit moment moeten bij veel jaarlijkse verlof- en gezinsherenigingsreizen, en andere door BZ betaalde reizen, hoge kosten worden gemaakt bij terugkeer op de standplaats. Veel collega’s worden bij aankomst of terugkeer naar de standplaats geconfronteerd met een verplichte hotelquarantaine van soms zelfs wel weken. In veel gevallen moet men daarbij ook verplicht gebruik maken van een ‘package deal’ bestaande uit hotelkamerhuur, voeding, PCR-testen en vervoer vliegveld/hotel/dienstwoning. De rekening daarvoor kan door de post worden betaald, mits het uiteraard om een door de werkgever betaalde reis ging die redelijkerwijs niet kon worden uitgesteld. HDPO heeft hiervoor toestemming verleend op grond van de hardheidsclausule in de ACRU (jaarlijks verlof, gezinshereniging). Deze collega’s behouden voor de duur van de verplichte hotelquarantaine in principe recht op doorbetaling van hun buitenlandvergoedingen. HDPO heeft besloten om niet meer én de volledige buitenlandvergoeding door te betalen én de noodzakelijke extra kosten volledig te vergoeden. Tijdens de periode van quarantaine heeft men immers een aantal kostenbesparingen, bijvoorbeeld voor voeding, woon-werkverkeer en dienstreizen op de standplaats. Daarom heeft HDPO besloten dat per dag een eigen bijdrage wordt gevraagd van EURO 15 per volwassene en EUR 7,50 per kind vanwege besparing op voedingskosten. En van EURO 10 per dag per werknemer voor besparing op transportkosten. De post is verantwoordelijk voor het innen van deze eigen bijdrage. 

Vanuit de VDBZ zijn wij benieuwd naar jullie ervaringen met de quarantaine hotels.


Kees Cath

Vz werkgroep Arbeidsvoorwaarden, Bestuur

Profiel